Neko’s Weblog


Laat het zo zijn
april 25, 2008, 1:40 pm
Ingedeeld onder: Songtekstbewerking

Dit is een vertaling van het nummer ‘Let it be’, van Kane. En dat is een vet mooi nummer, dus luister het vooral als ik je nieuwsgierig gemaakt heb. Hij is het echt waard om - ja. Gewoon. De tekst enzo <3
___________________________________________________________________________________

Het antwoord is altijd hetzelfde.
Kun je het alsjeblieft niet gewoon zo laten zijn?
Ik heb dit al eens meegemaakt en alles dat ik kan zeggen
is dat alles uit mijn vingers glipt
met de herinnering van eerdaags gratie.
Ze draait zich van me weg,
zodat ik door kan gaan.

Zo koud als de leegte van de nacht
omringt de duisternis me.
Ze laat me daar telkens weer achter,
zo eenzaam als ik maar zijn kan.
Ik sluimer bij de gedachte aan haar ogen.
Ze is alles dat ik kan zien,
maar ik zal doorgaan.

Zo harteloos en wreed als mogelijk is
beweegt ze zich van mij vandaan,
maar ik verlang er nog altijd naar om de hare te zijn
met alles dat ik maar kan zijn.
Ze belt in het holst van de nacht.
Ze neemt me alles af dat ik bezit
zodat ik door kan gaan.

Iedere kille nacht,
Iedere rilling,
Iedere gesmoorde schreeuw,
en ze luister nooit.
Dit is niet goed zo.

Ze raast met de goden van de nacht.
Zij heeft de vloed in mij in handen
en vermorzelt de golven met haar zucht.
Ze wordt een deel van mij,
maar haar zorg is scherp als duizend lemetten.
Ik vraag me af hoe ze zomaar van me af kan stappen.
Hoe kun je in godsnaam zomaar van me weglopen?

Iedere laatste keer,
Iedere rilling
Ieder smerig spelletje -
Het is gewoon niet goed zo.
Het is gewoon niet goed.

Ze wordt wakker met het ochtendgloren
en neemt me mijn hart af;
laat me achter zonder woorden om te spreken.
Ze laat niets voor me achter
behalve de koorts van het laatste afscheid.
Ze draait zich van me weg,
zodat ik door kan gaan.

En ik kan doorgaan.



x
april 24, 2008, 4:47 pm
Ingedeeld onder: Brieven

Lieve God,

Mijn vader zei pas dat het misschien wel door u kwam dat ik op zaterdagmorgen zonder enige vorm van zenuwen het Sint Janskerkhof nummer 18 binnen stapte, dat u me kracht had gegeven zodat ik me van mijn beste kant zou kunnen laten zien. Ik weet nog niet of het geholpen heeft, maar ik vind het wel heel lief dat u er voor me was, op dat moment. Plotseling durfde ik vanuit het niets contacten te leggen, vond ik het niet eng mijn teksten voor te lezen voor een groep mensen en was ik zelfs voor het één-op-één-gesprek niet bang. Eveneens vond ik het op maandagavond geen wereldramp dat ik al mijn nieuwe vrienden weer los moest laten - want ik denk dat ik instinctief wel wist dat wanneer u het echt zou willen, ik hen ooit weer zal weerzien, hetzij op de HKU of daarbuiten.

En gisteren realiseerde ik me dat u me nog steeds niet losgelaten hebt; ik voel nog altijd een zekere kracht branden, een vlammetje in het diepste van mijn ziel welke ervoor zorgt dat ik geen angst meer voel. Want ik ben echt niet bang meer, God, niet voor mijn examens, niet voor Utrecht en niet voor het feit dat mijn herfstvlieger zijn gouddraad kapot trekt, omdat ik inmiddels heb leren vertrouwen. Hij zal me niet verlaten, evenals u me niet verlaat. Roy en ik zijn nu, na precies zeven maanden, eindelijk in evenwicht, denk ik. In ieder geval geloof ik in hem en in de toekomst, hoewel ik over dat laatste nog niet zoveel wil nadenken. Mijn leven is nu.

In ieder geval wil ik u bedanken dat u me kracht geeft en altijd bij me bent, als een klein vlammetje in mijn diepste binnenste. Ik zal u beschermen zolang ik kan.

Amen.

En P.S; ik zal u zo snel mogelijk laten weten of ik ben toegelaten. Maar waarschijnlijk weet u dat tegen die tijd al lang.



Dialoog
april 22, 2008, 11:47 am
Ingedeeld onder: Hersenspinsels

Dit afgelopen weekend heb ik auditie gedaan voor de opleiding Writing for Performance aan de HKU in Utrecht en ik vond het helemaal geweldig. Met een hele leuke groep ben ik twee dagen lang heel hard aan het schrijven geweest (wat nog best vermoeiend is, overigens, als je je bedenkt dat je alleen maar op een stoel zit) en ik ben ontzettend trots op wat ik heb laten zien. Deze auditie heeft me weer een stapje verder geholpen dan waar ik stond en ik heb het gevoel dat ik langzaamaan steeds volwassener word - niet alleen als schrijver, maar ook als mens op zich. Een halfjaar geleden had ik dit echt niet gedurfd, en nu heb ik dit toch maar even gedaan. Op eigen houtje.

Op maandagavond moest iedereen een eindopdracht schrijven; een scène tussen twee personen waarvan de één een belangrijke mededeling aan de ander moest doen. De ander moest vervolgens zijn adequate reactie zo lang mogelijk uitstellen - en ik heb me eigenlijk niet heel strict aan de opdracht gehouden, maar ik ben er alsnog best trots op, in beschouwing nemend dat ik nog nooit zoiets gedaan heb. Daarom wil ik hem met jullie delen.

Lees ze ^^

________________________________________

Een flitsende, jonge zakenman en zijn suffe vrouw in de oubollig ingerichte woonkamer van hun huis.

Hennie;
Brendon? Zou je alsjeblieft je laptop uit kunnen zetten?

Brendon;
Hoezo?

Hennie;
Ik wil eventjes met je praten.

Brendon;
Praat maar.

Hennie;
Nee, ik wil dat je naar me luistert. Dit is heel erg belangrijk voor me.

Brendon;
Dat ze je de vorige keer ook en toen ging het erover dat je nieuwe bloemetjesgordijnen wilde. En de keer daarvoor wilde je er een nieuwe kat bij nemen. En de -

Hennie;
Die kat wil ik nog steeds. Ik vind het zo stil sinds Snoepie overleden is.

Brendon;
… Maar we hebben er nog zeven over.

Hennie;
Haalt schouders op

Brendon;
Jezus, Hennie, dat je de veertig gepasseerd bent, betekent niet dat je je als een eenzaam bejaard wijf moet gaan gedragen!

Hennie;
Maar ik ben ook heel eenzaam. Jij bent altijd aan het werk.

Brendon;
Verdomme zeg, gaat het daar weer over? Iemand moet toch het geld verdienen in dit huis? Kom je me daar nu alweer de schuld van geven?

Hennie;
Nee. Daar gaat het niet over.

Brendon;
Waarover dan wel?

Hennie;
Eerst moet die laptop uit.

Brendon;
Oké.
Klapt laptop dicht.

Hennie;
En beloof me dat je niet gaat lachen.

Brendon;
Vertel nou maar.

Hennie;
Oké.
Ik ben een superheld.

- Stilte -

Brendon;
Jezus, Hennie.

Hennie;
Ja, ongelofelijk hè?

Brendon;
Ongelofelijk, zeg dat wel.

- Stilte -

Dus je bedoelt dat je kunt vliegen?

Hennie;
Ja, precies! Zo door de lucht enzo, en dan heel snel - maar eigenlijk mag ik dat alleen als er iemand in nood is, dus ik kan het je niet laten zien.

Brendon;
En heb je dan zo’n … teken waardoor je weet dat er iemand in nood is?

Hennie;
Knikt enthousiast
Ja, de H van Hennie, zo heel groot en flitsend en licht in de lucht, als het donker is.

Brendon;
En als je iemand moet gaan redden, heb je dan ook zo’n pakje aan?

Hennie;
Ja natuurlijk! De mijne is roze met lichtblauw en een rode H op de voorkant, héél erg gaaf en vrouwelijk.

Brendon;
En dan ga je de wereld redden?

Hennie;
Nou, de wereld redden is misschien wat overdreven, maar ik heb ervoor gezorgd dat er al heel veel boeven in de gevangenis zitten. Ken je Saddam Hoessein?

Brendon;
Vanzelfsprekend.

Hennie;
Nou, die heb ik opgespoord!

Brendon;
Dat meen je niet!

Hennie;
Jawel! Het was heel moeilijk en ik ben er een eeuwigheid mee bezig geweest, maar uiteindelijk is het me gelukt!

Brendon;
Wauw, wat knap van je! Waar zat hij?

- Stilte -

Hennie;
Dat weet ik eigenlijk niet meer zo goed. Ik heb al zoveel boeven gevangen - al die gezichten kan ik niet onthouden, hoor. Ik word ook al een dagje ouder.

Brendon;
Onzin. Ik durf te wedden dat je er flitsend uitziet in dat pakje.

Hennie;
Ik zou het je graag laten zien, maar hij zit in de was.

- Stilte -

Brendon;
Lacht
Je bent echt gestoord he?

Hennie;
Gestoord dat ik de wereld wil redden bedoel je? Nou - daar heb je best een beetje gelijk in; het is gekkenwerk, maar wel heel afwisselend en divers en -

Brendon;
Nee, ik bedoel dat je gestoord bent. Compleet krankjorem.

Hennie;
Hoe bedoel je?

Brendon;
Je bent toiletjuffrouw, geen superheld. Niemand zou dit verhaal geloven.

Hennie;
Wat wil je daarmee zeggen?

Brendon;
Dat je gestoord bent.

- Stilte -

Staat op
Je hebt een levendige fantasie, Hennie. Maar daarom hou ik ook zo van je.

Brendon af.



Wakker worden
april 18, 2008, 4:00 pm
Ingedeeld onder: Hersenspinsels

Ik heb plotseling het gevoel dat ik de afgelopen maanden in een diepe winterslaap verkeerde en dat ik nu, met het aanbreken van de nog prille zomer, langzaamaan wakker word. Dat klinkt heel fijn, eigenlijk, maar stiekem weet ik nog niet of ik het wel zo leuk vind. Ik ben een meisje van extremen; vrolijk op het hyperactieve aan of juist doordrenkt van melancholie, en het was vooral in de laatste aantal weken dat die extremen doorbroken leken te worden. Het was alsof de moeilijke tijden eindelijk over waren, alsof ik na die lastige periode uiteindelijk toch een balans had weten te vinden, maar nu ik wakker aan het worden ben, keren de moodswings weer terug. Onverbiddelijk. Maar het melancholische overheerst.

In de winter sliepen mijn heftige emoties. Het was net alsof ik over een automatisme bezat dat ervoor zorgde dat ik die gevoelens onderdrukte, zodat ik normaal kon functioneren. Tegelijkertijd had ik echter het gevoel dat ik onder water zwom; alles om me heen gebeurde in slowmotion, stemmen klonken verstomd, mijn zicht was vervormd en ik voelde me gewichtloos. Ik had het gevoel dat ik alles aankon, dat ik leuk was zoals ik ben, dat ik alles binnen handbereik had en dat de wereld aan mijn voeten lag. Maar nu voel ik weer, en nu lijkt alles zo ver weg.

Ik ben uit mijn vacuüm.

Wist ik eerst zeker dat ik zou gaan slagen, nu vraag ik me steeds vaker af of ik dat wel kan. Telkens wanneer ik een eindexamentekst oefen, vraag ik me af hoe ik me in vredesnaam drie klokuren achter elkaar ga kunnen concentreren, dagen achtereen. Als we bij Aardrijkskunde samen de gemaakte examenopgaven nakijken, probeer ik me te bedenken hoe het mogelijk is zodanig veel foute antwoorden in te vullen. De examentrainingen bij Wiskunde zijn zo mogelijk nog erger - ik kan geen enkele som maken zonder om hulp te vragen en de meerderheid is dan alsnog fout.

In mijn ogen is het werkelijk uitzichtloos. Ik kan het echt niet. Ik voel me al gefaald als C&M’er want ik had een 5,2 voor mijn eindexamen CKV2 en ik wil niet ook falen als vriendin, leerling en dochter. Vooral dat laatste. En dat één na laatste. En dat eerste eigenlijk ook wel heel erg, want C&M is het pretpakket en ik kan het niet maken te zakken als Roy met allemaal 8′en in N&T afstudeert. Dat zou de genadeklap zijn; het bewijs dat ik een mislukkeling ben.

En nu ga ik stoppen met zeiken want daar schieten jullie ook niets mee op.
Dankjulliewel voor het aanhoren.

*pakt zonnetje en plakt boven eigen hoofd*



Gebroken puzzel
april 17, 2008, 4:10 pm
Ingedeeld onder: Hersenspinsels

Ik verdoe mijn tijd, soms wel vijftien uur per dag, in bed liggend, etend, Free Cellend, muziek luisterend, lezend en mijn nagels lakkend. Mijn matras is vervormd onder mijn gewicht. Het gebied rond mijn bed verandert na verloop van tijd in een vuilnisbelt; brieven, scharen, bollen wol, brillenkokers, snoertjes, lege pakjes kauwgom en schoolboeken slingeren thuisloos rond totdat mijn moeder me dwingt hen op te ruimen. Ik denk niet aan school in het weekend; dat gebeurt pas weer op maandagmorgen, wanneer ik me afvraag of ik de enige ben die zich niet met zijn eindexamen bezighoudt.

Ik voel me nutteloos, van tijd tot tijd. Ik schrijf wel dat ik mijn leven tot het uiterste leef, maar dat is eigenlijk slechts een wens waarvan ik hoop dat hij ooit zal uitkomen - een dagdroom die tot leven leek te komen doordat ik hem waarheid deed lijken.

Ik verveel me, veel te vaak. Desondanks heb ik in de tijd die ik verdeed geleerd mensen lief te hebben, te praten over mijn gevoelens en me niet meer alleen te wanen in deze gestoorde wereld. Ik heb gehuild met mensen zonder hen vast te kunnen houden, slecht gesproken over mensen die we nog nooit ontmoet hadden, ik heb lol met hen gehad en een band met hen opgebouwd in de korte tijd dat wij elkaar kennen. Wanneer je iedere dag online met iemand spreekt, lijken de weken wel maanden te zijn - de tijd gaat hard wanneer je iemand in zo’n korte tijd van binnenuit leert kennen. En ook al verdeed ik mijn tijd, door hen verveelde ik me eigenlijk nooit. Behalve wanneer ik op hen wachtte.

Rond mijn hals hangt permanent een zilveren kettinkje met daaraan een klein, zilveren puzzelstukje, welke lijkt op zo’n standaard vriendschapsketting, maar dan verfijnder - en het is inderdaad een vriendschapsketting, alleen is hij niet standaard. Buiten die van mij, zijn er nog zes andere stukjes die allemaal aan elkaar passen, in een vorm die niet te begrijpen is wanneer ik zou proberen het uit te leggen.

We zijn met zijn zevenen; Elin, Linda, Karlijn, Rebecca, Natascha, Alyssia en ik. Met sommigen van hen ben ik al vanaf de zomer van 2006 ontzettend close, met anderen is het contact na talloze gigantische chatlogs wat afgenomen, maar andersom zijn er ook een aantal geweest waarbij de chatlogs pas na een jaar gestaag begonnen te groeien, en ook is er iemand waarmee ik nooit heel veel gesproken heb. Hoe de contacten echter ook veranderden door de jarenlang aanvoelende maanden, er bleef telkens iets dat ons onderling bleef verbinden; de hangers die onze halzen sinds vorige zomer sieren en ons blijven herinneren aan de geweldige dag die we beleefden op 29 december 2006; de eerste keer dat we allemaal bij elkaar waren, in de Efteling.

Ik leerde Roy beter kennen doordat we allebei onze tijd verdeden, en ik houd nu van hem, ook al heb ik af en toe geen idee wat er in zijn hoofd omgaat. Nu kunnen we samen onze tijd verdoen - of misschien nuttig besteden, wanneer je vindt dat samenzijn gelukkiger maakt dan het werken aan een goed diploma. In mijn optiek is dat in ieder geval zo.

Misschien is het een geluk dat ik mijn tijd nog steeds verdoe. Daardoor leef ik wellicht wel dubbel zoveel.



Liefde is …
april 13, 2008, 8:21 pm
Ingedeeld onder: Hersenspinsels

Favourite Game: Love
- Muszka

Liefde is een spel dat gevaarlijk is - of misschien niet zozeer gevaarlijk, maar wel riskant, doordat er geen enkele spelregel staat vastgelegd. Voordat je het je kunt beseffen, bevind je je er middenin en is er geen terugweg meer - of ja, die is er wel, maar je wil ook niet meer terug, want je bent compleet in de ban van het spel. Verslaafd ben je, en je wil ook niet afkicken.

Op het begin is het spel fantastisch. Je huppelt door een sprookjesachtig landschap van weelderige bomen, tropische bloemen en gigantische paddestoelen die beschutting bieden tegen de zon. Je verzamelt muntjes en levens en verslaat schattige, kleine monstertjes die jou niet eens zozeer kwaad doen, maar het spel is zodanig simpel dat je alles eruit wil halen dat erin zit. Je spaart je levens in een moordend tempo op, op zo’n manier dat je je op een gegeven moment niet meer kunt voorstellen dat er ooit nog ‘Game Over’ op je beeldscherm zal verschijnen. Je voelt je onoverwinnelijk, en bent dat ook voor een kort moment.

Na verloop van tijd volgen er echter levels waarin de monsters steeds groter worden, en gewelddadiger. Er komen verschillende draken op je pad die je in slechts een fractie van een seconde zodanig veel schade toe kunnen brengen dat je tientallen levens achtereen verliest. Ze vormen samen barrières waar niet doorheen te komen valt - zo erg zelfs dat je jezelf continu afvraagt of je niet beter op kunt geven, maar je blijft altijd doorgaan, omdat je wil weten wat er na dit moeilijke level in het verschiet ligt. Na de talloze dagen die je in de virtuele wereld hebt doorgebracht, kun je er niet zomaar meer uitstappen - en dat wil je ook niet meer. Je kunt niet meer zonder.

Je komt af en toe voor verrassingen te staan waar je niet op geanticipeerd had, maar na de monsters overwonnen te hebben, is er altijd wel weer een level waarin het sprookjesachtige tropenlandschap terugkeert. En wanneer je na een aantal weken opnieuw oog in oog met een aantal vuurspuwende draken staat, weet nog van de vorige keer wat je ongeveer moet doen om hen te overwinnen. Zo word je iedere keer een stukje beter.

En zo niet, dan kun je altijd nog op ‘restart’ drukken. Dan gaat er niemand dood en kun je gewoon weer overnieuw beginnen.

Dat is liefde.



Vogels
april 12, 2008, 1:05 pm
Ingedeeld onder: Songtekstbewerking

Dit is een vertaling van het nummer ‘Birds’, van de Britse zangeres Kate Nash ^^ Ik vind het zo’n schattig en zomers nummer dat ik het op deze prachtige dag gewoon eventjes online moest zetten. Voor mijn gevoel gaat het over twee jonge, verliefde mensen die hun gevoelens niet volledig durven uiten - en wanneer de hij-persoon dat uiteindelijk wel durft, doet hij dit op zo’n manier dat de zij-persoon geen idee heeft waarover het gaat. En dat vond ik ontzettend lief en herkenbaar.

Lees ze, en ik zou het leuk vinden als je liet weten wat je ervan vindt ^^
________________________________________________________________________________________________

Ze stond te wachten op het station toen hij de trein uitstapte. Hij had geen kaartje, dus moest hij ongezien door de poortjes heen zien te dringen - maar de conducteur bleek hem door te hebben, dus zei hij: “Meid, je hebt geen idee hoeveel ik je gemist heb, maar we kunnen maar beter rennen, want ik heb geen geld meer om deze boete te kunnen betalen.”
Zij zei: “Oké.”

Dus ze renden het station uit en sprongen een bus in met twee kaartjes van gisteren en twee volle flesjes bier. En hij zei: “Je ziet er leuk uit.”

En nou, ze droeg een rokje en hij vond echt dat ze er leuk uitzag, en eigenlijk was dat het enige waar ze om gaf, want ze wilde enkel dat hij vond dat ze er mooi uitzag. En dat deed hij.

Maar vervolgens keek hij haar vreemd in de ogen, wat maakte dat zij opmerkte: “Kom, zeg maar wat er in je hoofd omgaat. Je hoeft niet verlegen te zijn.”
Hij zei: “… oké. Ik zal het proberen;

Alle sterren aan de hemel en de bladeren in de bomen; alle gebroken fragmenten waarover je struikelt en de grassige delen tussen alle belangrijke dingen in de wereld - zo leuk vind ik jou.”

Zij zei: “… wat?”
Hij zei: “Goed, laat het me nog een keer proberen uit te leggen;

Nou, vogels kunnen heel hoog vliegen en ze kunnen op je hoofd schijten; ze kunnen rakelings langs je gezicht vliegen en je ontzettend bang maken, maar wanneer je naar hen kijkt en ziet hoe mooi ze zijn - nou ja, dat voel ik ook voor jou.”

Ze zei: “… wat?”
Hij zei: “Jij.”
Zij zei: “… waar heb je het in godsnaam over?”
Hij zei: “Over jou.

Want vogels kunnen heel hoog vliegen en ze kunnen op je hoofd schijten; ze kunnen rakelings langs je gezicht vliegen en je ontzettend bang maken, maar wanneer je naar hen kijkt en ziet hoe mooi ze zijn - nou, dat voel ik ook voor jou.”

Ze zei: “… dankje. Ik vind jou ook leuk.”
Hij zei: “… gaaf.”



2 am in the morning
april 10, 2008, 6:33 pm
Ingedeeld onder: Proza

De duisternis was bijna voelbaar toen ik mijn ogen open deed en trachtte me te bedenken waar ik was. Het duurde even voordat de herinneringen aan de vorige avond en middag tot me door begonnen te dringen; terwijl de contouren van je slaapkamer langzaam zichtbaar voor me werden, realiseerde ik me echter dat het jouw bed was waarin ik mijn lichaam te rusten gelegd had - samen met jou.

Ik draaide me op mijn andere zij, weg van de muur, en zag dat je nog altijd naast me lag. Je was bleek door het duister, je haren verward, je ogen gesloten, beeldschoon. Ik weet nog dat ik me afvroeg hoe een mens in godsnaam zo mooi kon zijn - want je leek wel een engel, zo sereen. Een ogenblik bleef ik naar je staren, geboeid door de lijnen in je gezicht, en na die paar slapende seconden drukte ik een kleine kus op je wang. Vervolgens draaide ik me terug naar de muur en sloot ik mijn ogen wederom, in een poging de slaap opnieuw te vatten.

Het duurde echter nog geen fractie van een seconde voordat ik je naast me voelde bewegen. Je schoof steeds iets dichterbij, langzaam, totdat ik de warmte van je lichaam tegen dat van mij kon voelen. Je arm glipte rond mijn middel en ik voelde hoe je me vasthield, nog bevangen door de slaap, wat het misschien nog wel mooier maakte - alsof je geheel instinctief handelde. En op dat moment besefte ik me opnieuw hoeveel ik van je hou.

Met vlinders in mijn buik viel ik opnieuw in slaap, totdat het uiteindelijk weer morgen werd.



Extasy
april 9, 2008, 5:32 pm
Ingedeeld onder: Proza

Mijn zintuigen staan op scherp door de gigantische hoeveelheid adrenaline die door mijn aderen dendert; de kleuren om me heen zijn scherper, ieder geluid klinkt helder en elke aanraking, hoe klein ook, tintelt alsof we samen onder stroom staan. Mijn ademhaling is versneld, mijn hart hamert tegen dat van jou. Zonder te bewegen laten wij de wereld sneller draaien, elkaars adem inademend totdat er geen zuurstof meer over is en we slechts elkaar nog hebben.

Je bent als een drug; alleen jij hebt het vermogen me tot grote hoogten te brengen, maar ook om me met één woord over de rand te werpen. Wanneer ik echter in zo’n gat beland, weet ik dat ik altijd terug kan komen voor een nieuwe dosis en dat jij me die zal geven - dat jij de kleuren om mij heen opnieuw feller zult doen lijken en dat we samen opnieuw onder stroom zullen staan, onze zintuigen bedwelmd en tegelijkertijd zo scherp.  

Ik zal je nooit los kunnen laten, zelfs al zou je me dwingen dat te doen.

I’m addicted to you.



De hal
april 7, 2008, 7:00 pm
Ingedeeld onder: Proza

Tussen galmende echo’s verdrink ik, mijn oren suizend en verdoofd. Ik luister naar niemand die tussen de glazen wanden staat; hun woorden glijden van me af alsof zij van water zijn, vallen neer rond mijn voeten. Ondertussen dwaalt mijn blik telkens af van de sprekende gezichten voor me, op zoek naar een gelaat dat zoveel meer spreekt dan woorden.

Ik zie je, klein tussen de lange gestaltes rondom je, je ogen groot en je haren donker. Mijn blik is vastgeroest.

Zag ik dat je keek of wilden mijn hersenen mij dat doen geloven?

Ik wend mijn blik weer af naar de sprekende gezichten, tracht me te concentreren op de weerklinkende verhalen, met de gedachte aan jou nog in mijn achterhoofd. Je droeg een nieuw shirt, van een kleur die tussen vaalblauw en grijs in lag, met een tekst erop die ik niet kon lezen. Het stond je goed.

Ik zag je niet meer, die dag, maar je was constant in mijn hoofd; misschien niet direct, maar wel onderhuids, alsof jouw naam evenals die tientallen gesprekken een steeds weerklinkende echo in mijn onderbewuste was.

Maar morgen zie ik je weer.